
Stijn Bronzwaer: ‘De strijd wordt soms zo hard gevoerd, je moet er maar zin in hebben’
- Datum
- Leestijd
Twee tot drie advocatenbrieven komen er per week binnen op de NRC-redactie, schreef de ombudsman van NRC onlangs. Het is een illustratie van de toenemende juridische druk op redacties en op individuele journalisten. Hoe gaat dat in de praktijk en welk effect heeft het?
Stijn Bronzwaer is sinds een half jaar chef van de onderzoeksredactie van NRC. Eerder deed hij onderzoek naar misstanden bij Bunq, en eind september verschijnt een boek over Bunq-topman Ali Niknam, dat hij met twee collega’s schreef.
‘Direct communiceren via een advocaat is een trend’
Bronzwaer: ‘De meeste brieven zijn waarschuwingen: we zijn het ergens niet mee eens en beraden ons op stappen. Ondertekend door een advocaat. Dat is een trend: direct communiceren via een advocaat. Soms wordt een rectificatie geëist, dan wil iemand dat een artikel binnen zoveel dagen wordt gecorrigeerd of van de site verwijderd.
‘Bij NRC behandelen we alles serieus. Het ergste is niet reageren, want dat kan later in de rechtszaal tegen ons worden gebruikt, mocht het zo ver komen. Bij een klacht gaan we bij elkaar zitten: de auteur van het artikel, de chef, iemand van de hoofdredactie en een Mediahuis-jurist of een advocaat die we inhuren.
‘Ik zie veel onzinnige advocatenbrieven’
‘Het is dubbel: ik vind dat iedereen naar de rechter moet kunnen stappen om bezwaar te maken tegen een publicatie. Toch zie ik veel onzinnige advocatenbrieven, vooral van bedrijven die de publiciteit zat zijn en simpelweg willen dat we stoppen met schrijven over hen. Imago is steeds belangrijker.
‘Neem bijvoorbeeld Claessen Tankcleaning, waarover NRC kritische stukken schreef. Het bedrijf verliest steeds rechtszaken, maar blijft nieuwe wegen zoeken om te procederen. Het gaat maar door.
‘Ik vrees dat juridische druk mensen afschrikt om onderzoeksjournalist te worden’
‘Zelf werden mijn collega’s en ik vorig jaar door Bunq voor de rechter gedaagd [na een artikel over toegang van werknemers tot klantgegevens, red.]. Bunq wilde dat ex-werknemers onder ede zouden worden gehoord om erachter te komen wie met ons had gesproken. De rechter stond dat niet toe, maar het had wel effect: bronnen werden bang. Het was een poging van oprichter Niknam om te voorkomen dat mensen met ons zouden praten. Hij wist dat we bezig waren met het boek over hem.
‘Ik vrees dat de juridische druk mensen afschrikt om onderzoeksjournalist te worden. Bij NRC kunnen we advocaten betalen en schakelen we ook regelmatig juristen in om vóór publicatie stukken te controleren. Soms zelfs uit andere landen, als een verhaal internationale reikwijdte heeft, zoals stukken over het Internationaal Strafhof. Van dat geld zou je liever meer journalisten inhuren, maar goed, het geld is er in ieder geval. Voor freelancers of regionale kranten ligt dat anders.
‘Bovendien wordt de strijd soms zo hard gevoerd. Je moet er maar zin in hebben, elk verhaal opnieuw. Bij NRC zijn we meer in teams gaan werken, zodat de druk niet bij één persoon terechtkomt. Een rechtszaak gaat toch over je reputatie als journalist, dat maakt het heel stressvol.’
tekst: Jolanda van de Beld
foto: NRC
Kom naar de presentatie van het onderzoek naar juridische druk
Op vrijdag 18 september van 14.30 - 15.30 uur vindt de presentatie van het onderzoek naar juridische druk plaats op het Nederlands Journalistiek Festival in Deventer.



